Meteen naar de inhoud

Information Design

Information Design

Wat is information design?

Information design is waar informatie en design bij elkaar komen. Door middel van een visualisatie kun je het verhaal overbrengen van de data die je hebt verzameld. Dit kan bijvoorbeeld gaan om de resultaten van een tevredenheidsonderzoek onder cliënten of een overzicht van het aantal valincidenten over de jaren heen. Door een visualisatie toe te passen wordt de abstracte informatie makkelijker te begrijpen en beter bruikbaar voor de lezer die in de praktijk vaak moet bepalen of er vervolgstappen nodig zijn. Het maakt daarbij wel uit welk type visualisatie je kiest en hoe je het vormgeeft. Maak je daarin niet de juiste keuzes, dan kan het averechts werken en komt de boodschap niet over of er worden zelfs verkeerde conclusies getrokken. Hoe zorg je nou dat jouw datavisualisatie effectief is? Daarvoor is het belangrijk om te weten hoe ons brein geschreven informatie verwerkt.

Het verwerken van informatie

Ons brein kent 2 systemen: systeem 1 verwerkt informatie gemakkelijk en snel, het gaat automatisch en kost ons weinig energie. Systeem 2 verwerkt de informatie traag, we moeten er bewust bij nadenken, het zit snel vol en kost veel meer energie. Deze twee denksystemen heeft nobelprijswinnaar Daniel Kahneman ontdekt in zijn onderzoek naar hoe mensen beslissingen nemen. Hij beschrijft het in zijn boek “Thinking, Fast and Slow”.

Als je effectieve datavisualisatie wilt toepassen, voorkom dan het gebruik van systeem 2. In sommige gevallen moet systeem 2 wel deels bijgeschakeld worden, maar probeer in de basis zoveel mogelijk systeem 1 te activeren.

systeem2 information design

systeem1 information design
Als voorbeeld het verschil tussen een tabel en een grafiek als visualisatie bij het presenteren van data in de loop van de tijd. Een grote tabel met aantallen per jaartal moet je aandachtig lezen om eventuele stijgingen of dalingen over de tijd vast te stellen. Dit kost veel energie. Systeem 2 is hierbij geactiveerd. Zodra je dezelfde data in een lijngrafiek of staafdiagram presenteert, zie je in één oogopslag of er veranderingen in de tijd plaatsvinden. Systeem 1 is dan geactiveerd, het verwerken van de informatie kost je weinig energie. Over het algemeen gaat het bij een tabel meer om ‘denken’ en bij een grafiek om ‘voelen’. Bij een grafiek zie je in één keer wat de boodschap is. Voor het beste effect is het belangrijk om een aantal principes toe te passen die zorgen dat deze boodschap ook daadwerkelijk snel en goed overkomt.

Principes toepassen

Er zijn meerdere principes toepasbaar om te zorgen dat de boodschap of conclusie van een presentatie/rapportage door de doelgroep goed wordt gezien en begrepen. Hieronder worden twee principes uitgelicht. Deze zijn er op gericht om afleiding te minimaliseren: 1) voorkom een overload aan informatie, creëer rust; 2) zorg voor functioneel kleurgebruik.

1. Creëer rust (less = more)
Door rust te creëren in je visualisatie zorg je ervoor dat de lezer niet onnodig wordt afgeleid. Oftewel: voorkom visuele ruis. De aandacht moet naar het juiste gaan, want je wilt een boodschap overbrengen. Systeem 1 moet worden geactiveerd, waarbij je de informatie automatisch en snel verwerkt.

Toepassing:
Gebruik geen achtergrond in je presentatie die afleidt of 3D-effecten in grafieken en diagrammen. Beperk daarnaast het aantal verschillende kleuren. Kleuren trekken de aandacht en bij diverse kleuren op dezelfde pagina, in een infographic of een rapport weet de lezer niet meer waar hij/zij moet kijken. Zeker als de kleuren niet functioneel zijn, leidt het te veel af.

Beperk ook de hoeveelheid data in een visualisatie. Creëer rust in de grafiek. Probeer daarom niet meerdere lijnen en staven (in diverse kleuren) in één grafiek te plaatsen als dat niet nodig is. Je kunt er bijvoorbeeld voor kiezen om de data over meerdere grafieken te presenteren of in één grafiek de kern van je boodschap te tonen.

Stel jezelf ook de vraag: ‘heb ik (alle) cijfers nodig om de boodschap over te brengen?’

Grafiek1_visuele ruis

Daarnaast kan het gebruik van decimalen en ‘%’-tekens in een grafiek zorgen voor visuele ruis. Beperk ten eerste het aantal decimalen voor een betere leesbaarheid. Ten tweede kan het ‘%’-teken in de y-as worden geplaatst, zodat het in de grafiek niet nodig is boven elk staaf. Of je maakt de keuze andersom hierin. Daarnaast bevat een grafiek vaak structurele componenten zoals rasters. Door deze rasters lichtgrijs te maken in plaats van zwart, is het contrast niet meer zo groot en dat geeft rust.

Grafiek2_beperk visuele ruis
In presentaties, factsheets of infographics zie je regelmatig kaders om een tekstvlak of een (stippel)lijn tussen twee onderdelen. Dat trekt de aandacht, maar het is niet functioneel. Door gebruik te maken van een lichtgrijs vlak waarin de tekst staat, ontstaat toch een functioneel kader.

Door op verschillende manieren visuele ruis te beperken, blijft de boodschap van je verhaal beter overeind. Oftewel: less is more.

2. Functioneel kleurgebruik
Kleuren kunnen afleiden of je op het verkeerde been zetten als het niet met een doordachte reden wordt gebruikt. Gebruik je het echter functioneel, dan is het een heel krachtig middel. Je kunt de aandacht op iets vestigen door middel van kleur. Als je het op een logische en consequente manier inzet in rapportages, dan geeft het meteen ook rust.

Toepassing:
Let op met de kleur rood, dat is een signaleringskleur. Indien het niet op een functionele manier wordt ingezet, dan is het zonde als daar te veel aandacht naar uit gaat. Maak daarnaast bescheiden gebruik van verzadigde (helder/felle) kleuren. Als je in een presentatie of rapport graag wilt werken met huisstijlkleuren van de organisatie, maar het betreft verzadigde kleuren, dan is het een oplossing om in de visualisatie de verzadiging van die kleuren te verlagen. Op die manier is het minder fel, maar toch herkenbaar.

Kleurenpalet

Een handig middel om kleuren te kiezen die je functioneel kunt gebruiken, is door het kleurenpalet te raadplegen die past bij het doel van je visualisatie. Er zijn diverse kleurpalets of schema’s die hieronder kort worden toegelicht.

  • Monochromatisch palet: is geschikt voor een ordinale schaal. Hierbij is er duidelijk sprake van een rangorde, bijvoorbeeld frequentie of mate van tevredenheid. Je kiest één kleur en gebruikt deze in verloop van licht naar donker of andersom.
  • Analoog palet: gebruik je bij nominale categorieën. Het zijn kleuren die van elkaar verschillen, maar wel op elkaar lijken en dat geeft rust. De kleuren liggen direct naast elkaar in het kleurenpalet.
  • Complementair palet: is geschikt om verschillen aan te duiden. De kleuren liggen tegenover elkaar in het kleurenpalet. In een rapportage gaat het om antwoorden die duidelijk van elkaar verschillen zoals ‘heel goed en ‘heel slecht’. Indien er een neutraal antwoord tussen zit, is het verstandig om daar een neutrale kleur voor te kiezen zoals grijs. Een neutraal antwoord die met een kleur wordt aangeduid eist namelijk vaak te veel aandacht, terwijl het in veel gevallen om de twee uiteinden van de grafiek gaat. Neem als voorbeeld een stoplichtgrafiek met de kleuren groen geel en rood, waarbij ook de gele kleur aandacht opeist.
  • Triadisch palet: gaat om kleuren die even ver uit elkaar liggen. De combinatie van deze kleuren heeft de neiging heel levendig te zijn. Het is daarentegen minder contrasterend als het complementair palet. Dit schema wordt ook wel gebruikt in logo’s.
  • Tetradisch palet: het gebruik van vier verschillende kleuren waarvan elk paar dichtbij elkaar ligt in het kleurenpalet en op die manier meer rust geeft. Als je in een visualisatie met veel kleuren werkt is het belangrijk om op de verzadiging te letten. Zorg dat je deze verlaagt, zodat het minder fel is en dus rustiger oogt.

grafieken information design
Wees consequent in je kleurgebruik binnen een rapport. Dat geeft duidelijkheid aan de lezer qua betekenis en bovendien biedt het rust. Je minimaliseert daarmee afleiding. Kleur is een krachtige tool, het trekt de aandacht. Voeg het daarom ook alleen toe als het noodzakelijk is, dan houdt je het functioneel. Neem bij het opstellen van presentaties en rapportages het volgende als uitgangspunt: laat de boodschap die je wilt overbrengen altijd leidend zijn in de keuzes die je maakt voor de opmaak van visualisaties.

Wil je meer weten over het visualiseren van data? Neem dan contact met ons op.

Deel
Deel
Deel